MudSweatTrails - Het platform van en voor trailrunners in de Benelux

Het platform voor Nederlandstalige trailrunners met actueel nieuws, know-how, reviews, trail events en de meest complete trailkalender

MudSweatTrails op InstagramVolg MudSweatTrails via TwitterMudSweatTrails op FaceBooke-mail MudSweatTrailsdoorzoek mudsweattrails.nl

Dutch Runners - partner van MudSweatTrails

In the Spotlight


Raidlight Laserdry 8L

 

 

Sponsors

LOST

De Barkley is een test. Het gaat om leren opgeven, niet om winnen. Zij die zich inschrijven voor de race bewijzen daarmee een twijfelachtig mentaal gestel te hebben. Maar zij die opgeven laten in ieder geval zien nog wat menselijks in zich te hebben. Zij die niet opgeven laten zien het menselijke te ontstijgen. Het hele verhaal van deze race is onvertelbaar voor een enkeling. Het Barkleyverhaal is een som der delen. Dit verhaal gaat over enkele uren. Typische Barkley uren.

Garden Spot, tien minuten na  boek 4, in 'Loop 2'. Het zal rond middernacht zijn. Uit het noorden waait  een snoeiharde wind. Het sneeuwt, ijsregent, hagelt en mist afwisselend. Typisch Barkleyweer, al is 25 graden met  strakblauwe lucht ook typisch Barkley. Alles is typisch Barkley, in de Barkley. Zelfs het weer.

Ik loop sinds het begin van Loop 2 alleen. Ik vind mijn boeken zonder problemen, scheur mijn pagina’s uit de boeken en het lukt me zelfs om de zes meter hoge klimwand tussen boek 3 en 4 te slechten zonder mijn nek te breken, even na het intreden van de absolute duisternis. De nieuwe sectie voegt dit jaar twee boeken toe aan het parcours, een kleine duizend feet hoogtemeters en een interessante rotsklimmerij. Het maakt de Loop een half uurtje langer dan vorig jaar, schat ik in.

Loop 1 startte om 6:45 am, de eerste anderhalf uur van de race waren droog. Daarna begon de regen. En de mist. En na een 10:30 uur durende Loop 1 begon het serieus koud te worden. Sneeuwmutsig koud. Overhandschoenig koud.

Terug naar de sneeuw bij Garden Spot, middernacht. De sneeuw regen blaast horizontaal vanuit het noorden. De wind maakt een grommend geluid. Het is een redelijk arctische ervaring. Zes uur Barkley nachtelijke eenzaamheid  zijn speciaal. Ze doen wat met je. Ze leren je houden van de mensheid, ik begin te snakken naar menselijke wezens, iets lopends op twee pootjes…  Ik treuzel wat in de kou, probeer mijn handen op te warmen door er uitgebreid mee te zwaaien. Ik raak enigszins gedesoriënteerd. Hier was toch die halfgare jeeptrack rondom Mount Stallion? Opeens sta ik midden in de bramenstruiken…. Hier klopt iets niet. Het is moeilijk te zeggen of ik nog op een jeeproad sta, of een ieder geval een stuk bos waar wel eens met een 4x4 is gereden. Mijn lamp weerkaatst in de dichte mist en de sneeuwlaag op de grond. Sporen zijn niet te zien. De mist werkt verwarrend. Ik onderzoek de plek waar ik aan het stranden ben. Ik ga wat terug, wat naar links, wat naar rechts….  Dan vind ik een paar markante reflecterende markers op bomen, het zijn boundary markers, die de grens van het park aangeven. Een hoopgevend teken. Ik snap alleen niets van de lijn die ze aangeven. Ik bestudeer mijn kaart en kompas maar kan er weinig van maken. Kaart en kompas komen niet overeen met mijn werkelijkheid. De kompasnaald wijst naar het westen en mijn kaart vertelt me dat er hier helemaal geen boundary markers horen te zijn. Ik besluit terug te keren naar Garden Spot. Bij daglicht, zonder mist  zou het vinden van de juiste richting hier redelijk te doen moeten zijn, maar nu kom ik er echt niet uit. Mijn noten vriezen inmiddels uit mijn broek, hoewel ik toch een regenbroek over mijn renbroek aanheb.  Ik heb geen gevoel meer in mijn vingers. Eten denk ik! Ik moet de kachel brandend houden. Ik eet, hoewel het met mijn verkleumde vingers nog een heel gedoe is om ritsen open te wurmen en verpakkingen van reepjes te openen. Dat ga ik ook eens trainen…

Na wat gezoek concludeer ik dat ik ook mijn weg terug naar Garden Spot eigenlijk kwijt ben. Ik heb geen idee meer wat ik aan het doen ben. De Barkley blijft een zotte bezigheid. Op het randje van wat wijs is.

Ik probeer mezelf weer warm te stampen. Ik schrijf een grote W in de sneeuw. De W van Waterloo. Die van Napoleon. Quitten dan maar? Prima idee eigenlijk, het beste sinds tijden. Maar hoe? Geen idee welke kant ik op moet om terug te keren naar de Yellow  Gate.  Het is één uur inmiddels. Nog een uur of 6 tot de zon weer opkomt. Net wat te lang om van enig toekomstperspectief te kunnen dromen. Mijn reddingsdeken! Verzin ik. Eindelijk. Na al die jaren kan ik dat ding eindelijk eens gebruiken. Ik twijfel nog even over de reddingsdeken. Gaat die mij echt redden? En je raakt toch zo weer even twee euro kwijt…  Ik baal nog even en stamp wat rond om de tijd te doden en warm te worden. Bijzonder hoe passief een mens wordt in de kou, denk ik nog. Sterven door onderkoeling schijnt een euforische dood te zijn. Dat is mooi meegenomen: Kicks voor nix. Het zou wel wat zijn als dat Canal + camerateam dat me volgt een interessant fataal scoopje zou kunnen brengen. Doje lijken doen het altijd goed op tv.

Dan zie ik twee lichtjes aankomen. Het blijken Iso en Dale te zijn, twee lopers die achter mij zaten en dus dezelfde richting lopen als ik. Ik zou hun uit en totaal andere richting verwachten en concludeer dat ik stevig verdwaald was. En daarna concludeer ik dat mijn brein in ieder geval nog aardig werkt. Jammer Canal +: jullie zullen een ander lijk moeten zoeken, besluit ik.

‘Hey human beings!’, roep ik. Ik ben blij andere wezens te zien en volg ze. Het lijkt alsof ze weten waar ze heen gaan. Ze lijken minder last te hebben van gedesorienteerdheid dan ik. We spreken af samen te lopen tot de highway, na de afdaling van Stallion. Als ik voorbij dit labyrinth ben zal het bijna licht zijn en wordt het parcoursverloop iets logischer.  Vanaf daar moet iedereen maar weer doen wat hem goed dunkt. De twee mannen geven me hoop. Ik stroom weer vol energie. Ik ben gered uit de klauwen van Stallion.

Een minuut of tien later gaat het weer mis. We staan op een vaag punt. Dale gaat naar rechts, Iso naar links. Ze roepen wat tegen elkaar. Het werkt niet. Ik kijk als een herdershond die de kudde niet bij elkaar weet te houden en sta tien seconden besluiteloos. Dan ren ik op goed geluk naar links, Iso achterna. Het maakt me niet uit wat er gebeurt, zolang ik maar niet meer alleen ben. We zoeken een uur naar een manier om bij Barley Mouth Branche te komen, een beekje dat niet te missen moet zijn, zelfs niet  in de mist en sneeuw. Ik geef Iso een paar doorweekte handschoenen. Iso heeft het koud, heel koud. We proberen elkaars vingers te ontdooien. Het helpt niet echt. Gelukkig is de wind gaan liggen. Maar de kou en de mist en de sneeuw blijven. Dan stelt Iso voor om de weg terug te zoeken naar waar we elkaar ontmoetten. Ik weet wat dat betekent: quitten. Het lijkt opnieuw een logische optie. Als het lukt.

Dankzij uitmuntend speurwerk van Iso -ouwe indiaan die hij is- vinden we onze voetsporen terug in de sneeuw en het begin van de quittersroad. Een paar uur later staan we aan de Yellow Gate. Het is een uur of half vijf in de ochtend, een kleine 22 uur na de start. Laz ontvangt ons met een smile en gallons sarcasme. Onze verhalen over ijs en sneeuw en harde wind klinken leugenachtig bij het kampvuur. Het is hier lekker warm en droog. Ik twijfel aan mezelf. We hadden het toch echt koud daarboven. Mijn vingers zijn gevoelloos. Dat zijn ze nu, een week na de race, veilig terug in Europa, nog steeds. Ik weet zeker dat het echt koud was daarboven, denk ik.

Failed mission. Again. Het hoort erbij, weet ik. Maar toch. Nederlanders zijn niet in staat om 100 barkley mijlen te lopen binnen 60 uur. Ook niet onder ideale omstandigheden. Ik kan één loper  uit de Lage Landen verzinnen die wellicht een Funrun (drie rondes) binnen de veertig uur  zou kunnen lopen. Als zijn stelten niet knakken.

Na 58 uur racen wint Jared Campbell de Barkley van 2014. Hij is de enige loper die zich in Loop 4 en 5 begeeft. Zondag en maandag is het zomers weer. De verhalen van alle quitters klinken heroïsch, maar ook wat zwakjes, in de hitte…

Een Barkley finish is het uitlopen van 5 keer de Loop, die 20 mijl (of wat meer) lang is. In die 100 mijl overbrugt een finisher ongeveer twee keer het aantal hoogtemeters van de UTMB. Verreweg de meeste lopers kunnen slechts dromen van een finish. Ik heb dat soort dromen zelfs nooit durven dromen.

Ik lees Marcy Beard’s racereport, een week na de race. Op de plek waar Iso en ik omkeerden, ging Marcy door. Frappant is dat ook zij haar twee kompassen niet meer kon gebruiken op Mount Stallion. Het racegebied is nukkig en venijnig. Marcy is een klasse apart. Ze liep de tweede Loop uit onder bizarre omstandigheden. Ze deed er 31 uur over en werd zonder het tellen van haar pagina’s uit de race gezet. Maar toch. Tough woman.


Mooie plaatjes: http://www.geoffreybakerphotography.com/?page_id=1769.

Mooi artikel New York Times: http://www.nytimes.com/2013/03/28/sports/the-barkley-marathons-few-know-how-to-enter-fewer-finish.html?_r=0

 

Berichttype: 

Reacties

We nodigen je uit je reactie te posten of vraag te stellen. Op die manier kunnen we als community elkaar inspireren en van elkaar leren. De redactie heeft het recht kwetsende of zuiver commercieel geladen boodschappen van het forum te verwijderen.

Erg onder de indruk van je verhaal, lijkt soms wel het begin van een thriller, maar gelukkig blijft het daarbij. Ik noem dit Trailrunning XXL, oftewel ver-van-mijn-bed-show. Toch benieuwd of ene Kilian deze race ooit zou willen lopen.

De afgelopen tien jaar ben ik regelmatig met jaloerse blik je huisje in Belgie voorbij gegaan. Afgelopen weekend heb ik je kort op de rotsen in Belgie gesproken en nu lees ik hier met jaloerse gedachten al je fantastische verhalen. Ik blijf het volgen. Respect!

Hell Yeah....ben het al een tijdje aan het volgen, wat een mega geweldig event...maar zwaar, ja dat is het enige wat je ziet, hoort en leest. Geweldige uitdaging, wie weet voor een nieuwe uitdagingen NExt Year?!

wink

 

Lost, maar geen Loser. Verdwaald, maar niet dolend. Goed gedaan Mig!

Peter

Sponsors

site: IanusWeb