Waar tot voor kort elk zichzelf respecterend atleet een Polar om de pols had, liggen de verhoudingen inmiddels anders. En eigenlijk hebben ze dat bij Polar ook wel een beetje aan zichzelf te wijten. De types S210/410/610/810 bepaalden de norm bepaalde op het gebied van hartslagmeters. Ze waren betrouwbaar en onverwoestbaar. Nadat Polar de productie van de opvolgende nieuwe RS modellen had verhuisd naar China kreeg het te maken met een serieus kwaliteitsprobleem. Je zult niet veel RS400/800 modellen tegenkomen, waarvan de polsband niet is vervangen. Dit heeft Polar veel goodwill gekost. Maar sinds een jaar heeft Polar een serieus model; de RCX5, waarbij geen kwaliteitsproblemen spelen zoals met de RS serie.
In tegenstelling tot de Suunto en de Garmin werkt de RCX5 op een CR2032 batterij. Bij dagelijks gebruik van 1 uur zou deze het volgens specs 8-11 maanden zou moeten uithouden.
De RCX5 wordt gepositioneerd als multisport instrument; m.n. triatleten zijn erg goed bediend, maar is ook erg geschikt voor de (ultra)trailer. Belangrijk is de RCX5 is in eerste instantie te zien als een (topklasse) hartslagmeter, welke je vervolgens in functionaliteit kunt uitbreiden door met externe pod's te pairen. Er zijn bijv. een cadans-pod en snelheids-pod voor op de race fiets of MTB en een foot pod en GPS-pod voor bij het hardlopen.

Afgebeeld de RCX5, met borstband, wearlink hybrid en G5 GPS pod.
De bij de RCX5 in te zetten GPS pod is de G5. Deze weegt 34 gram en de accuduur is 20 uur, zonder dat hierbij een langere sampletijd nodig is. Ruim genoeg dus voor een nauwkeurige meting van een serieuze uitdaging. De mogelijkheid met waypoints te navigeren is niet voorzien. De G5 wordt geleverd met armband, maar een trailatleet in actie zal waarschijnlijk liever de mogelijkheid benutten de pod in een vakje van de drinkrugzak te doen. De nauwkeurigheid van de GPS pod is erg groot. Loop een bosparcours een paar keer rond en je meet nagenoeg dezelfde afstand en ziet in de graphic van Google Maps (in de meeste gevallen) de rode lijnen stijf naast elkaar, dat is weleens anders!
Door de polscomputer en de GPS module te scheiden is de polscomputer slank en licht gebleven. Maar er speelt een (in mijn ogen relevanter) voordeel in het scheiden van de GPS module en de polscomputer. Je raakt bij een lege accu niet direct alle functionaliteit kwijt, alleen de afstands- en snelheidsfunctionaliteit.
Je kunt trouwens ook kiezen om i.p.v. de GPS POD een S3+ footpod te gebruiken. Persoonlijk vind ik de footpod van Polar aan de grote kant en hou eigenlijk niet zo van dingen op mijn schoen. Ook het feit dat je bij elke schoen eerst moet kalibreren weerhoud me er een beetje van. De footpod meet behalve afstand - en dus snelheid, ook de pasfrequentie.
De RCX5 heeft de mogelijkheid tot 4 regels per scherm in te richten naar eigen inzicht; daarbij zijn meerdere programmeerbare schermen voor elk sporttype beschikbaar (voor lopen 4). Meer dan genoeg lijkt me, je moet ook niet al te veel op het apparaat gaan loeren, voor je het weet lig je onderuit.
De hartslagmeterband is van stof en de hartslagmeter zelf is van het type Wearlink Hybrid; hij zendt het signaal op twee frequenties naar de polscomputer. De lage frequentie is speciaal bedoeld voor het lopen op een loopband.
De software van Polar is voor mij al jaren 'major selling point' en is geschreven vanuit het primaire oogpunt van beoordeling van hartslagwaarden. Het online gebruikte polarpersonaltrainer.com is hierop geen uitzondering. De mogelijkheden om trainingen te plannen zijn bijna eindeloos; op tijdblokken, zoneblokken, tempoblokken.
Eigenlijk heeft de Polar software maar een beperking; Polar presenteert de RCX5 als een multisportcomputer, maar geeft niet de mogelijkheid om sport specifieke hartslagzone‘s in te stellen. Dus voor fietsen zones op een enigszins lager niveau dan bij lopen. Dit zou in de iteratie naar trainingsbelasting (zie hieronder) e.d. natuurlijk direct erg zinvol zijn. Eerlijkheid gebied te zeggen dat ook Suunto en Garmin deze mogelijkheid missen.
PTE en EPOC (Suunto) vs trainingsbelasting (Polar)
Er wordt door Polar en Suunto meer gemeten dan de ‘kale’ hartslagen. Ook de ruimte tussen de hartslagen, of liever gezegd, de variabiliteit tussen de hartslagen levert waardevolle informatie voor de atleet. En hierbij geldt; een grotere variabiliteit tussen de hartslagen is een indicatie voor een betere vorm en een hogere belastbaarheid. Meer chaos is beter dus (anders dan je misschien zou verwachten).
Suunto pakt het zelfs nog wat ruiger aan. Er wordt tijdens de training real time een hele reeks bodyparameters bijgehouden, waarvan de belangrijkste de EPOC en (direct hiervan afgeleid) de PTE.
EPOC is de afkorting voor Excess post-exercise oxygen consumption en wordt weergegeven in ml/kg lichaamsgewicht. EPOC is de hoeveelheid zuurstofconsumptie gemeten vanaf de homeostase (rusttoestand) welke het lichaam nodig heeft om van de training te herstellen. De EPOC waarde begint bij aanvang van de training vanaf 0 te lopen en beweegt met de belasting. Hij loopt dus bij rustig uitlopen ook weer terug. Het is hiermee een indicator voor het opgebouwde trainingseffect, waarbij je kunt beoordelen of de training je voldoende heeft gebracht – en misschien net zo belangrijk; kunt voorkomen dat je over het randje kukelt.
Het TE trainingseffect kent een waarde toe aan de training op een schaal van 1-5 die op enig moment in de training wordt gehaald. Deze waarde is maatgevend is voor het herstel na de training. Hij daalt dus ook niet meer (zoals de EPOC), vandaar dat deze tegenwoordig PeakTE wordt genoemd. Maar wat kan je nu met deze wiskunde? Je kunt op basis van deze informatie tijdens de training al besluiten om die laatste heuvels bijv. niet al te pittig te nemen, om te voorkomen dat je EPOC over een bepaalde waarde stijgt, de PTE meestijgt en blijft hangen op dat hogere niveau en het herstel te lang zou duren.
Bij Polar gaat de bepaling van de trainingsbelasting in twee stappen. Het is raadzaam op regelmatige basis een fittest uit te voeren (kan met de RCX5 zelf), waarbij de uitkomst hiervan (VO2max) mede als input dient voor de trainingsbelasting. Er is bij Polar dus geen sprake van een real time logging (en mogelijke weergave) van het trainingseffect. Wel kan naderhand in polarpersonaltrainer het effect worden beoordeeld en de voorgestelde mate van herstel worden bekeken.
De uitslag van de fittest kan daarnaast ook worden ingezet als input voor de zone-optimizer.
De RCX5 heeft veel te bieden en waarschijnlijk zul je veel mogelijkheden niet (willen) inzetten. Persoonlijk zal ik de optie race pace met een virtuele tegenstander niet gebruiken, maar iemand anders zal het misschien helemaal het einde vinden. Het enige dat ik eigenlijk echt mis t.a.v. de concurentie is de hoogtemeter; zit er niet op.
Pro’s:
- Losse GPS pod
- Batterijduur polscomputer lang! 8-11 maanden
- Accuduur GPS pod 20 uur zonder concessie aan sampletijd
- polscomputer is niet te groot, vooral handig bij smalle polsen
- GPS pod is enorm nauwkeurig
- Eenvoudige menustructuur
- Uploads wireless naar PolarPersonalTrainer.com
Con’s:
- Losse GPS pod
- Geen waypoints of andere vorm van GPS-navigatie
- Geen hoogtemeter.
- Geen real time weergave van de trainingsbelasting, zoals bij Suunto de PTE en EPOC
- Footpod is relatief groot (als je hem in zou willen zetten).
site: IanusWeb