Met groeiende verbazing en geamuseerdheid volg ik de discussies van de afgelopen weken op deze site. Ik geef toe dat ik zelf soms ook wat olie op het vuur gooi, maar dat is puur prettig bedoeld. Ik sta versteld van de onzekerheid van menig dappere deelnemer aan al deze mini discussies, over wat een trail nou eigenlijk is, wanneer je tijdens een klim mag of moet gaan stappen, in plaats van lopen, wanneer je het ultrakanon mag inzetten, hoeveel graden tien procent is, welke schoenen je moet aantrekken als het regent, of je stokken moet gebruiken en wanneer dan, en nog tientallen vraagjes en probleempjes waar je behoorlijk wakker van kan liggen. Ik werd bijzonder geraakt door het verhaal van Raymon van den Berg in de Rialp Matxicots, die daar net naast drie punten voor de UTMB greep. Ook dit verhaal verbaasde me en zette me aan het denken. Toen ik vanochtend het verslag van Dennis Vandenbussche in de Sierra de Prades las, die ook naast zijn punten greep, besloot ik er eens wat woorden aan te wijden.
Raymon wilde graag aan de UTMB meedoen van volgend jaar, en was hard bezig daarvoor punten te verzamelen. Ik ken Raymon niet, maar ging zijn sporen eens na. Dat gaf me een sterk vermoeden dat de persoon in kwestie iets najaagt waarvan ik mij afvraag of hij daar goed aan doet. Het lijkt er sterk op dat deze heldhaftige loper gevangen is door het virus van de UTMB, zoals dat velen overkomt. Ik denk dat ik een tijdje door hetzelfde virus werd bezeten. Mijn genezing kwam echter snel na een bezoekje aan Chamonix, ten tijde van de UTMB. Dennis lijkt al te zijn genezen, misschien wel door zijn deelname aan de CCC. Hij schreef aan het eind van zijn verslag wijze woorden.
Zeer ok
Zelf werd ik begin juli weer eens ruw met mijn fysieke en mentale (!) beperkingen geconfronteerd in het binnenbocht rondje Andorra (Ultra Mític). Het gebeurde allemaal in een buitengewoon sympathieke omgeving. Na 38 uur zwoegen kwam de vrouwelijke wedstrijddirecteur mij aan de eindstreep uithoren over mijn laagland ervaringen in het hooggebergte. En zij zat daar niet als sadist, maar eerder als moedereend, bezorgd over haar kuikens. Een bijzonder detail: de UM levert géén UTMB-punt op. Vast te eenvoudig.
Minder ok
Een week of zes later arriveerde ik in Chamonix, daags voor de deelname aan de TDS, een onderknuppelig zijdeurtje van de UTMB, een uitdaging qua afstand en hoogteverschil vergelijkbaar met de UM in Andorra. Maar dat was het dan ook wel, wat overeenkomsten betreft! In Chamonix werden wij lopers geacht ons wedstrijdnummer op te halen in een megalomane sporthal. Om bij die sportkathedraal te komen moest ik me eerst door een heus instantdorp van aanbieders van allerlei soorten tijdsmeting, schoeisel, kleding, voeding en ander sporttuig worstelen op een groot plein, niet ver van de sporttempel. Het aantal banners en andere welig tierende reclame-uitingen ontnam me het zicht op de Mont Blanc, die sereen kilometers boven het bergdorp uittornt. Tussen alle commercie en de sporthal in was het druk. Duizenden reeds in hun kekke sportpakjes (Gideon noemde die mooi ‘Salomonvachten’) gestoken mensen vormden samen een soort gezellige sportgeüniformeerde massa. Helaas net niet het soort gezelligheid dat mij trekt. Het was er zien en gezien worden. Diverse kleurcode systemen (wedstrijdnummers en polsbandjes) stonden toe om elkaar, na het passeren van de 20- euro-borg-voor-de-chip-stand, de racenummer-stand, de rugzakcontrole-stand, en zo nog wat stands binnen in de sporthal, de maat te meten. ‘Ah! Een groen bandje, dat is een CCC- ertje.’ Of: ‘Oei! Een rood bandje. Dat is een stoere UTMB- er. (Dat was Hagrid. Toegegeven, die ziet er ook zonder rood bandje al indrukwekkend uit).’ En: ‘Hé, die Truus heeft ook een blauw TDS bandje. Hoe denkt zij met zo’n derrière de wedstrijd uit te lopen? Kan die niet beter een groen bandje regelen?’
Noord-Korea
Na een uurtje Chamonix had ik het helemaal gehad. Ik overwoog ernstig om alsnog af te zien van de start. Al die mensenmassa’s, al die sportcommercie, zo’n op Noord- Korea lijkende organisatorische ordening en waterdicht ogende perfectie. Het stond allemaal wel erg ver af van de Andorreense moedereend, de wedstrijdjes met 124 deelnemers, de ultra-anarchisten uit Tennessee of andere vrolijke loperij. Dit was allemaal bloedserieus! En toch had ik ergens ook wel weer bewondering voor dit mega-fenomeen (of wellicht is ‘verwondering’ een beter woord, maar dat levert een krocht van een zin op). En een ruim half etmaal later stond ik dan toch aan de start in Courmayeur, samen met Gideon, Guillaume en 1397 andere lopers. Ik had nog nooit van mijn leven temidden van zoveel deelnemers gestaan. En besloot na het aanhoren van vreselijke pre-departure filmmuziek en een overvliegende film helicopter dat ik dat ook maar nooit meer ging doen. Het was me toch iets te gelikt allemaal.
Pisnicht
Na afloop van mijn wedstrijd kreeg ik dan een heus stuk finishers textiel, met daarop een UTMB logo en de tekst ‘finisher TDS’. Het textiel op zichzelf is al een drama. Een jasje zonder mouwen. Een bodywarmer, noemden we dat in de jaren tachtig. Een pisnichterig gevalletje waar ik nooit mee over straat heb durven lopen. Spuuglelijk! Maar die tekst ‘finisher TDS’ maakt het allemaal mogelijk nog dramatischer. Door met die bodywarmer rond te lopen laat je iedereen zien dat jíj in staat bent om de TDS uit te lopen. Big deal! Daar heeft toch niemand wat mee te maken? En ik vind het ook niet van collegialiteit getuigen naar die 800 deelnemers die geen recht hadden op zo’n geval, omdat ze halverwege moesten afhaken.
Je hoeft zo’n kledingstuk natuurlijk niet aan te trekken. Maar het feit dat ze worden uitgedeeld zegt waarschijnklijk dat veel lopers het wél belangrijk vinden om met zo’n ego-uithangbord rond te lopen. Tijdens de OSO twee jaar geleden liep een aantal mensen rond met finishers textiel van stoere tochtjes. Het lijkt een soort dress code, en het maakt het makkelijker om je eigen kudde te herkennen. Hilarisch. Wat een egolikkerij. Aan mij is het niet besteed.
Ik ontving dit weekend weer een nieuwsbrief van de UTMB. De organisatie zegt zich in die brief te schamen voor alle lege gel tubes en andere troep, die na afloop van de drie wedstrijden werd teruggevonden op het verschillende parcoursen. Mij en Gideon was al die zooi ook al opgevallen. De moderne trailrunner ziet in het verrichten van een grootse sportprestatie kennelijk een vrijbrief om zich een varken te gedragen. Dat was de laatste druppel. De megalomane trailfestijnen gaan uit mijn systeem!
Ik hoop met dit verhaaltje de pijn van Raymon wat te verzachten en het betoog van Dennis te ondersteunen. En ik hoop Raymon en Dennis snel eens te ontmoeten tijdens een lang project, waar niets moet, we geen punt verdienen en we vooral veel lol hebben.
Cheers!
site: IanusWeb
Reacties
Ik zie heel veel
Ik zie heel veel overeenkomsten met een andere sport: de triathlon. Het gepats met materiaal, het dragen van Ironman finisher shirts. Ook bij de triathlon zie je dat een aantal evenementen (met idioot hoge inschrijfgelden) heel snel uitverkocht raakt, terwijl je bij sommige kleinere triathlons op de dag zelf nog kunt inschrijven. Nog een overeenkomst: het gemak waarmee trailatleten en triatleten hun rotzooi op het parcours smijten.
Met al het commerciele gedoe kan ik prima leven, maar het gedrag van sommige trailers is me echt een doorn in het oog. Troep achterlaten op een trail, hoe haal je het in je hoofd! Rotzooi achterlaten:DSQ en niet meer welkom bij volgende edities.
zooi
Eens met ronnie. Ik train zelf (bijna) wekelijks in het parcours van de VZT en heb weken na de laatste editie nog gelverpakkingen van het parcours geraapt. Een trailatleet kiest ervoor om te sporten in de schoonheid van natuur en landschap, dan passen ook fatsoenregels.
Bijna waar.....
Ik begrijp je persoonlijke visie, maar voeg er graag nog het wat aan toe.
De utmb organisatie is buitengewoon groot maar nog steeds wat wij een stichting zouden noemen. Dus geen winstoogmerk. De winst wordt gemaakt door de horeca en door sponsors; tenslotte is het doel van sponsoring meer spullen verkopen. Ik ben nog altijd onder de indruk van de organisatie die al jaren model staat voor zeer veel andere (ultra)trails. Moet je het gezever bij andere wedstrijdjes maar eens horen als zaken iets amateuristischer georganiseerd zijn.
Het grootschalige is iets wat jou niet, maar vele andere deelnemers wel trekt. (als de marathon van New York) En vrijwel iedere deelnemer wordt nog steeds persoonlijk bij aankomst door de rover-hoofd-vrouw/man gefeliciteerd. Dat blijf ik bij deze schaal bijzonder vinden.
Bij ieder sportevenement is er een testosteron/wie-heeft-de-grootste factor. Hij valt hier wat meer op maar in 90% van de gevallen is het verhulde onzekerheid over de dingen die gaan komen. Dat uit zich in 'Amuletten' ofwel wedstrijd jasjes & shirts. Hoort bij het ritueel.
Ik denk nog steeds dat de UTMB een buitengewoon mooie wedstrijd is al zijn er inmiddels meerdere 'soort gelijken'.Ook denk ik dat de organisatie genoeg in beweging is en blijft om zich aan te passen aan de veranderde contekst van lopers & commercie. Helaas wordt de utmb door velen als een 'holy-grail' gezien en de voorbereidende wedstrijden alleen als punten jagen. Daarmee doe je zowel die wedstrijden als een utmb tekort.
Hier de laatste 'newsletter' die nogal wat stof deed opwaaien over het veranderde lopers gedrag
holy trail
@ Gideon,
dank voor aanvulling. ik kwam in Chamonix op het idee dat het hier om de 'holy trail' ging, met een knipoog naar Monty Python. mijn perceptie van de kommerz is een persoonlijk zaakje en je hebt gelijk dat niet de organisatie maar het gebeuren eromheen vooral druipt van de handel.
wat opvalt is dat het tafereel dat ik als 'commercieel' omschrijf, door anderen als 'professioneel' wordt omschreven. kwestie van andere bril. ik denk dat veel moderne lopers, die graag hun afval achterlaten op de paden en zich hullen in amuletten (weer zo'n fraaie Gi!) zich prima thuisvoelen in een professioneel georganiseerde loopomgeving (waarbij moet gezegd dat ook de organisatie baalt van de bergen afval en er veel aan doet om lopers te bewegen om zich verantwoordelijk te gedragen). en professioneel georganiseerd is het zeker, daar in Chamonix. op het Duitse af. ik denk dat veel Nederlanders en Vlamingen zich prettig voelen bij de betrekkelijke zekerheid die een strakke profi organisatie biedt. ik vraag me daarbij wel een beetje af of lopers die alleen optimaal kunnen presteren als er zoveel mogelijk parameters 'in control' zijn, nog wel een beetje plezier hebben, als zekerheden opeens wegvallen, de meteo tegenzit, een parcours vanwege een noodweersituatie moet worden omgelegd, een bosbrandje uitbreekt, een rugzakrits uitscheurt, een kledingstuk vergeten wordt of een gps apparaat uitvalt (nix persoonlijks, Hagrid!!).
de utmb als holy trail. het zal voor de meesten zijn gouden randje behouden en het zij goed zo. voor een dwarsligger als ik was een bezoek aan Chamonix alleen een reden om me te richten op kleinschaligere evementen...
verder is het boeiend om te lezen hoeveel er geklaagd wordt over zo'n organisatie. hoge bomen vangen veel wind. ik denk dat de trailcompetitie in Europa veel heeft geleerd van de utmb en dat het koppel Poletti een markant monument in de trailwereld heeft opgetuigd. ik weiger dan ook de organisatie te dissen, dat is wel erg makkelijk en daar allerminst reden toe. nee! de utmb is verder prima, en zal duizenden trailers een droom geven en een mijlpaal om naartoe te werken. het is alleen goed om de mythe een heel klein beetje te nuanceren en: tisnietzomijnding!!
nuancering
Ik vind deze nuancering van de utmb toch wel prettig, waarbij Gideon mig idd mooi aanvult. Ik was zelf al tegen een paar utmb punten aangelopen waar ik me nog niet zo goed raad mee wist en als het nu geen 'holy trail' is hoef ik tenminste ook niet langs het Ministry of Silly Walks (zie: http://www.youtube.com/watch?v=IqhlQfXUk7w)
serieus
Wederom en prachtig stukje proza van Mig. Trail running lijkt bij een aantal evenementen een vlucht naar de serieusheid te hebben genomen. Dat menig deelnemer zich hierbij zelfs zo serieus neemt dat hij/zij denkt dat anderen hun afval wel opruimen en weinig respect toont voor de overige bergtoeristen (heeft de trailrunner meer recht op de single track dan de wandelaar of mountain biker?) is kwalijk. Laten we wel wezen: trail running is zowel vanuit maatschappelijk als persoonlijk oogpunt volstrekt irrelevant. De kring van geinteresseerden is bijzonder klein en het draagt nauwelijks bij aan je primaire en secundaire geluksbehoeften. Er is dus geen enkele aanleiding om deze hobby al te serieus te nemen. Persoonlijk vind ik mijn verrukking in de kleine dingen: vanaf een krijtstreep ergens op een provinciale weg in het diepe zuiden van Belgie na een voor Nederlanders onverstaanbare instructie met z'n 70-en het bos in worden gestuurd; na een stevige klim beloond worden met een schitterend zicht over het Gardemeer en de uit de ochtendmist opduikende Dolomieten; voor de zoveelste keer met je voet achter een stuk rots blijven haken en weer niet vallen; na de finish een pint drinken in een fontein of in de Ourthe en verhalen delen met je kameraden; mijn lege gel-plastiekjes in een afvalzak van de organisatie dumpen en daarvoor bedankt worden door de moedereend. Verrukkelijk, maar nauwelijks serieus.
De UTMB heeft het heel scherp gesteld in hun artikel, maar misschien moet je het heel scherp stellen, voor sommige "mensen" het beseffen. Ik voelde me dan ook niet aangesproken daar ik zelf niets weg gooi.
Jammergenoeg zie ik het op elke trail, zo ook zaterdag. 1 voorbeeld: Ik wil geen plastic bekers 300m na een bevoorradingspost terug vinden in het bos. Ofwel drink je niet, ofwel drink je het ter plaatse uit en gooi het daar weg, ofwel neem je het mee en gooi het op volgende post weg, of neem eigen beker mee. (Ik zwijg dan nog van alle lege gel-verpakkingen).
Sommige mensen moeten echt beseffen dat het een voorrecht is om in de natuur te lopen, en daar mag je slechts 1 iets nemen en het zijn foto's en 1 iets achterlaten: voetsporen...
Als je dat niet kan, moet je misschien maar kijken om een wedstrijd op een vuilnisbelt te organiseren.